Show Review: Jonsí betovert, maar je moet er wel van houden
november 24th, 2010 | by Jelger |
Jón Þór Birgisson, oftewel Jonsí, oftewel de frontman van Sigur Rós, deed dinsdag 23 november De Oosterpoort in Groningen aan. Niet bepaald muziek die voor de grote massa is weggelegd. Je moet er maar van houden: een gevederde man met een hoge stem, gezongen over naar klassiek neigende postrock en springerige IJslandse pop. De belangrijkste vraag van de avond: kan de IJslander het ook zonder zijn band? Kan hij de stugge Noorderlingen met zijn ijle stem, zijn poppy postrock en zijn extravagante show inpakken? Het antwoord: een volmondig ja!
De avond begint met ook al zo’n “moeilijke” band, Timbre Timbre. De muziek valt nog het best te omschrijven als blues, maar dan met een lapsteelgitarist en een violist met looping pedal. In het sferische decor van Jonsí komt de duistere nummers goed tot hun recht. Telkens als het de nummers inzakken, zorgt een lage gitaarknal of een jankende viool weer dat je ogen op het podium gericht zijn. Het wordt goed ontvangen door het publiek, dat het zo gebruikelijke geroezemoes bij een voorprogramma praktisch achterwege laat. De lage, donkere stem van zanger Taylor Kirk neemt je vast mee naar duistere moerassen, ondoordringbare wouden en eenzame gebergten. Een perfect opstapje naar de hoofdact van vanavond.
Hoewel niet uitverkocht, is de Oosterpoort toch goed gevuld, al lijkt een groot deel van het publiek de voorkeur te hebben gegeven aan de zitplaatsen. Zodra Jonsí met zijn band, gehuld in extravagante gewaden, opkomt verstomd elk gesprek en is de zaal vanaf de eerste seconde één en al oor. Het begin met ‘Stars in Still Water’ en ‘Hengilás’ is breekbaar, maar de zaal luistert en kijkt ademloos toe naar de muziek en de fantastische projecties rondom de band. Bij ‘Kolniður’ laat Jonsí zien dat de beeld en geluid elkaar kunnen versterken: de muziek omlijst prachtig de animaties van wolven, herten en uilen, de projecties geven de muziek een extra laag. Dat enkele nummers in het Engels gezongen worden in plaats van het gebruikelijke IJslands doet geen afbreuk aan de muziek. Bovendien is het Engels van Jonsí zo slecht te verstaan door accent en stemgeluid, dat je het verschil nauwelijks opmerkt. Elk nummer wordt dan ook met een luid applaus en gejoel begroet: de Oosterpoort geeft zich gewonnen.
Na een dik half uur durft Jonsí eindelijk de eerste gesproken woorden de zaal in te slingeren en daar zal het ook praktisch bij blijven. Dat geeft niets, want Jonsí heeft die interactie niet nodig. Hoewel op cd zijn liedjes lichtvoetiger klinken dan menig Sigur Rós-nummer, voegt hij live de postrock-bombast toe die Sigur Rós zo geliefd maakt. Pompende drums, opzwepende gitaren, hyperactieve xylofoondeuntjes en gevoelige pianoarrangementen, je vind het allemaal terug bij Jonsí. Tel daar zijn unieke, maar niet voor iedereen geschikte, ijle stem bij en je zou denken: hier staat Sigur Rós. Toch blijft het minder log en zwaar en dat ligt ook aan de perfect opgebouwde set. De muziek gaat van donker, treurig en mineur naar springerig, vrolijk en hoopgevend. Of zoals de projecties weergeven: van druilerige regen, dood en verderf naar ontluikende bloemen en zoemende kolibries.
Die bloemen en kolibries zorgen voor de mooiste projectie van de avond, bij ‘Boy Lilikoi’. Het vrolijkste nummer van album Go wordt kracht bijgezet door een heel palet aan kleurige bloemen en kolibries. Het zit als een perfect gesneden maatpak. Na een uurtje is het dan voorbij, zoals altijd voor even. Maar waar de Oosterpoort mij eerder qua beleving nogal teleurstelde (dEUS, De Staat, Editors), laat het publiek hier een ander gezicht zien. Luid joelend, schreeuwend en klappend wordt Jonsí gemaand terug te komen, wat natuurlijk gebeurd. Met ‘Sticks & Stones’ en ‘Grow Till Tall’ zorgt de band voor een apocalyptisch einde aan een fantastische show. Een IJslander die stugge Noorderlingen moet ontdooien, het kan écht. Groningen laat zich door Jonsí betoveren. Om dit met een cijfer te ondersteunen: een hele dikke 9!
tekst: Redmar Woudstra
Related posts:
[CD Review] Incubus – If Not Now, When?
[CD Review] Limp Bizkit – Gold Cobra
[CD Review] City and Colour – Little Hell
[CD Review] Frank Turner – England Keep My Bones
[Luister] Red Hot Chili Peppers – The Adventures of Rain Dance Maggie
[must hear] Benjamin Francis Leftwich – Last Smoke Before the Snowstorm
[Nieuwe Video] Limp Bizkit – Gold Cobra (single)